BAPTISTEN
Gemeente
Het Baken

kerspellaan 2
(wijk Angelslo)
7824 JG
EMMEN


hartelijk welkom

LEVENSVRAGEN
(in alfabetische volgorde)

1.GELOOF - 2.GELOOFSZEKERHEID - 3.GOKKEN - 4.GEZIN

1.GELOOF.
We kunnen geloof definiëren als 'een blinde toewijding aan wat God is, doet en zegt.' Het is dat wij ons leven inzetten op de realiteit van zijn betrouwbaarheid. Maar als het geloof niet werkzaam wordt in ons eigen leven, is het slechts een woord.
De bekendste definitie van geloof in de Bijbel is functioneel; zij zegt niet wat geloof precies is, maar wat het voor ons zal doen:
'Het geloof nu is de zekerheid der dingen, die men hoopt, en het bewijs der dingen, die men niet ziet'
(Hebreeën 11:1).
Het evangelie is een weg van geloof. Het leven van de christen is een wandelen in geloof. Geloof behaagt God en Hij beloont het.
'Maar zonder geloof is het onmogelijk Hem welgevallig te zijn. Want wie tot God komt, moet geloven dat Hij bestaat en een beloner is voor wie Hem ernstig zoeken'
(Hebreeën 11:6).

Billy Graham: 'Geloof zal zich op drie manieren manifesteren:
  • in leerstellingen,
  • aanbidding
  • gemeenschap.
Het zal zich manifesteren in de wijze waarop we leven en ons gedragen.
De Bijbel leert ook dat geloof niet ophoudt bij het vertrouwen in Christus voor de vergeving van onze zonden. Het geloof gaat door! Geloof groeit! Het kan aanvankelijk zwak zijn, maar het zal sterker worden naarmate we de Bijbel beginnen te lezen, bidden, naar de kerk gaan, en Gods trouw in ons geestelijk leven ervaren.'

Woorden uit de Bijbel
'Wij dan, gerechtvaardigd uit het geloof, hebben vrede met God door onze Here Jezus Christus.'
Romeinen 5: 1
'Verheugt u daarin, ook al wordt gij thans, indien het moet zijn, voor korte tijd door allerlei verzoekingen bedroefd, opdat de echtheid van uw geloof, kostbaarder dan vergankelijk goud, dat door vuur beproefd wordt, tot lof en heerlijkheid en eer blijke te zijn bij de openbaring van Jezus Christus. Hem hebt gij lief, zonder Hem gezien te hebben; in Hem gelooft gij, zonder Hem thans te zien, en gij verheugt u met een onuitsprekelijke en verheerlijkte vreugde, daar gij het einddoel des geloofs bereikt, dat is de zaligheid der zielen.'
1 Petrus 1 :6-9
'Voorwaar, Ik zeg u, indien gij een geloof hebt als een mosterdzaad, zult gij tot deze berg zeggen: Verplaats u van hier daarheen en hij zal zich verplaatsen en niets zal u onmogelijk zijn.'
Matteüs 17:20
'En Jezus antwoordde en zeide tot hen: Hebt geloof in God.'
Marcus 11 :22

2.GELOOFSZEKERHEID.
Geloofszekerheid is het besef dat men Christus toebehoort en dat men volkomen vertrouwen in Hem heeft.

Veel christenen kennen deze zekerheid niet. Door hun ambivalentie over hun relatie tot Hem ervaren zij niet werkelijk de vreugde van de Heer. Het enige waarvan zij geheel zeker zijn, is dat zij twijfel hebben.
Onzekerheid kan voortkomen uit een van de volgende dingen:
Nooit echt bekeerd
Een christen is iemand die zijn vertrouwen heeft gesteld op Jezus Christus als zijn Heer en Heiland.
'Indien gij met uw mond belijdt, dat Jezus Heer is, en met uw hart gelooft, dat God Hem uit de doden heeft opgewekt, zult gij behouden worden; want met het hart gelooft men tot gerechtigheid en met de mond belijdt men tot behoudenis'
(Romeinen 10:9, 10).
Iemand die deze ervaring niet kent, kan onmogelijk zeker weten dat hij eeuwig leven heeft. De verlossing is niet gebaseerd op ons gedrag, maar op onze relatie met Jezus Christus.
Vol vertrouwen mag de christen zeggen:
'Ik weet, op wie ik mijn vertrouwen heb gevestigd, en ik ben er van overtuigd, dat Hij bij machte is, hetgeen Hij mij toevertrouwd heeft, te bewaren tot die dag.'
(2 Timotheüs 1:12)
Af gaan op gevoel in plaats van op Gods Woord
Sommige mensen verwachten een aanhoudende, emotionele 'high', en wanneer die ontbreekt of verdwijnt, komt de twijfel.
Onze eeuwige relatie met God kan niet alleen op emotie zijn gebaseerd. We moeten rusten op feiten die zijn gebaseerd op het Woord van God. We moeten ons toevertrouwen aan het volbrachte werk van Christus op het kruis. Na ons vertrouwen op Hem te hebben gesteld, gaan we door in deze relatie, wetend dat
'Hij, die in u een goed werk is begonnen, dit ten einde toe zal voortzetten, tot de dag van Christus Jezus.'(Filippenzen. 1:6)
Zonde en ongehoorzaamheid in het leven van de christen
Deze lopen uit op ambivalentie en onzekerheid. '
... innerlijk verdeeld als hij is, ongestadig op al zijn wegen' (Jakobus 1:8).
Zonde moet worden erkend en beleden om een ongebroken gemeenschap te ervaren.
De christen die zijn geestelijk leven niet met het Woord van God, gebed, gemeenschap en getuigenis voedt, zal opdrogen, en daarmee de deur openen voor onzekerheid en twijfels.
De bijbelse aansporing om 'te groeien in de genade en in de kennis van onze Heer en Heiland, Jezus Christus' (2 Petrus 3:18) is geen loze kreet. Als we niet groeien, sterven we!

Het gesprek
  1. Als men niet zeker is van zijn verlossing. Als men niet weet of men Jezus als Verlosser en Heer heeft aangenomen ten gevolge van een gebrek aan kennis aangaande de ware aard van de christelijke bekering of omdat men meent dat alles afhangt van het eigen gedrag, neem dan de 'Stappen tot vrede met God', pagina 11, door. Leg nadruk op het feit dat de verlossing een relatie tot Christus betekent door de wedergeboorte (Joh. 1:12 en 3:3), niet door onze eigen inspanningen (Ef. 2:8-9).
  2. Als men op zijn gevoelens afgaat. Onze ervaring moet rusten op de bijbelse feiten van het evangelie, niet op gevoelens. Neem 'Geloofszekerheid,' pagina 15, door.
  3. De christen die ongehoorzaam is en zonde in zijn leven koestert. Neem 'Herstel', pagina 17, door. Leg nadruk op 1 Johannes 1:9 en 2:1, en ook op Romeinen 12:1.
  4. De christen die onvolwassen is in het geloof. Als de onzekerheid en twijfel het gevolg zijn van een stagnatie in de geestelijke groei, wijs er dan op dat wij geestelijk of groeien of sterven.
  5. In alle bovengenoemde gevallen moet u nadruk leggen op de noodzaak actief een geestelijke relatie met Christus te onderhouden.
    1. Lees en bestudeer het Woord van God. Moedig aan Leven in Christus te lezen om te helpen daarmee te beginnen.
    2. In gebed:
      dienen en aanbidden we God belijden we Hem onze zonden uiten we onze dankbaarheid brengen we de noden van anderen bij Hem.
    3. Streef naar het ontwikkelen van relaties met andere christenen in het verband van een gemeente waar de Bijbel wordt onderwezen. Dit geeft u gemeenschap, bijbelstudie, en gelegenheid om Christus te dienen - en dit alles is nodig om als christen in het geloof te groeien.
    4. Bid met de hulpzoekende dat hij/ zij mag beginnen een leven van blijdschap en zekerheid in Christus te kennen.


Woorden uit de Bijbel
Verlossing:
  • 'Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, wie mijn woord hoort en Hem gelooft, die Mij gezonden heeft, heeft eeuwig leven en komt niet in het oordeel, want hij is overgegaan uit de dood in het leven.'
    Johannes 5:24
  • 'Doch allen, die Hem aangenomen hebben, hun heeft Hij macht gegeven om kinderen Gods te worden, hun, die in zijn naam geloven.'
    Johannes 1:12
  • 'Want door genade zijt gij behouden, door het geloof, en dat niet uit uzelf: het is een gave van God; niet uit werken, opdat niemand roeme.'
    Efeziërs 2:8, 9
  • 'Zo is dan wie in Christus is, een nieuwe schepping: het oude is voorbijgegaan, zie, het nieuwe is gekomen.'
    2 Korintiërs 5: 17

Niet het gevoel maar de feiten:
  • 'Want ik ben verzekerd, dat noch dood noch leven, noch engelen noch machten, noch heden noch toekomst, noch krachten, noch hoogte noch diepte, noch enig ander schepsel ons zal kunnen scheiden van de liefde Gods, welke is in Christus Jezus, onze Here.'
    Romeinen 8:38, 39
  • ' ... en ik schaam mij daarvoor niet, want ik weet, op wien ik mijn vertrouwen heb gevestigd, en ik ben er van overtuigd, dat Hij bij machte is, hetgeen Hij mij toevertrouwd heeft, te bewaren tot die dag.'
    2 Timoteüs 1: 12
  • 'Hiervan toch ben ik ten volle overtuigd, dat Hij, die in u een goed werk is begonnen, dit ten einde toe zal voortzetten, tot de dag van Christus Jezus.'
    Filippenzen 1:6
  • 'Dit heb ik u geschreven, die gelooft in de naam van de Zoon Gods, opdat gij weet, dat gij eeuwig leven hebt.'
    1 Johannes 5: 13
  • 'Hem, die geen zonde gekend heeft, heeft Hij voor ons tot zonde gemaakt, opdat wij zouden worden gerechtigheid Gods in Hem.'
    2 Korintiërs 5:21
  • ' ... voor u, die in de kracht Gods bewaard wordt door het geloof tot de zaligheid, welke gereed ligt om geopenbaard te worden in de laatste tijd.'
    1 Petrus 1:5

Schuldbelijdenis en herstel:
  • 'Maar, opdat gij weten moogt, dat de Zoon des mensen macht heeft op aarde zonden te vergeven - toen zeide Hij tot de verlamde: Stap op, neem uw bed op en ga naar uw huis.
    Matteüs 9:6
  • ' ... maar indien wij in het licht wandelen, gelijk Hij in het licht is, hebben wij gemeenschap met elkander; en het bloed van Jezus, zijn Zoon, reinigt ons van alle zonde. Indien wij zeggen, dat wij geen zonde hebben, misleiden wij onszelf en de waarheid is in ons niet. Indien wij onze zonden belijden, Hij is getrouw en rechtvaardig, om ons de zonden te vergeven en ons te reinigen van alle ongerechtigheid.'
    1 Johannes 1:7, 8, 9
  • 'Mijn kinderkens, dit schrijf ik u, opdat gij niet tot zonde komt. En als iemand gezondigd heeft, wij hebben een voorspraak bij de Vader, Jezus Christus, de rechtvaardige; en Hij is een verzoening voor onze zonden en niet alleen voor de onze, maar ook voor die der gehele wereld.
    1Johannes2:1, 2
  • 'Want indien gij met uw mond belijdt, dat Jezus Heer is, en met uw hart gelooft, dat God Hem uit de doden heeft opgewekt, zult gij behouden worden; want met het hart gelooft men tot gerechtigheid en met de mond belijdt men tot behoudenis.'
    Romeinen 10:9, 10
  • 'Wie zijn overtredingen bedekt, zal niet voorspoedig zijn; maar wie ze belijdt en nalaat, die vindt ontferming.'
    Spreuken 28: 13
  • 'Vurig verwachtte ik de Here; toen neigde Hij Zich tot mij en hoorde mijn hulpgeroep, Hij trok mij uit de kuil van het verderf, uit het slijk van de modderpoel; Hij stelde mijn voeten op een rots, mijn schreden maakte Hij vast, Hij gaf mij een nieuw lied in de mond, een lofzang aan onze God. Mogen velen het zien en vrezen, en op de Here vertrouwen.'
    Psalm 40:2-4


3.GOKKEN
Achtergrond
Gokken doet men in veel verschillende vormen.
Sommige vormen lijken heel onschuldig, en soms wordt een percentage van de opbrengst gebruikt voor een goed doel. Gods Woord geeft echter aan dat gokken in elke vorm in tegenspraak is met zijn wil voor een christen.

  1. Ten eerste stelt men bij gokken of wedden zijn vertrouwen op het toeval, het 'geluk', en niet op de zorg van God voor ons.
  2. Ten tweede zoekt men bij het gokken zijn winst in het verlies van een ander. Dit grenst aan begeerte en diefstal.
  3. Ten derde is gokken en wedden bevorderlijk voor een hebzuchtige instelling. Het legt de nadruk op krijgen in plaats van geven, zelfzucht in plaats van zelfopoffering, en ondermijnt de morele kracht van de maatschappij.

De Bijbel geeft aan dat er drie manieren zijn om geld te verkrijgen.
  1. Ten eerste werk. 'Wil iemand niet werken, dan zal hij ook niet eten' (2 Thess. 3:10).
  2. Ten tweede door verstandig te investeren (zie de gelijkenis van de talenten in Lukas 19:1-27).
  3. Ten derde door gift of erfenis. 'Kinderen behoren niet voor hun ouders te sparen, maar ouders voor hun kinderen' (2 Korinthiërs 12:14).

Billy Graham: 'De aantrekkelijkheid van gokken is begrijpelijk. Iets voor niets krijgen is een interessante mogelijkheid. Ik begrijp dat, en dat is waar de zonde ligt. Gokken in welke vorm ook is eigenlijk diefstal met toestemming. De munt wordt opgegooid, de dobbelsteen rolt, of de paarden rennen, en iemand haalt binnen wat van een ander is.
De Bijbel zegt: 'In het zweet uws aanschijns zult sij brood eten' (Gen. 3:19). Hij zegt: 'Door het opgooien van een munt zult gij uw maaltijd genieten.' Ik begrijp natuurlijk dat er met het gokken op zeer kleine schaal meestal geen kwaad wordt bedoeld, maar het gaat om hetzelfde grondbeginsel als bij het gokken op grote schaal. Het verschil ligt alleen in de hoeveelheid geld waarom het gaat.'
De ervaring van de gokker is vergelijkbaar met die van de alcoholist. Hij beeldt zich in dat hij heer en meester over zijn leven is, terwijl het in feite uit de hand is gelopen. Hij ontkent dat hij een probleem heeft, ook al valt zijn gezin uiteen. Hij komt uiteindelijk met enorme schulden te zitten, en steelt zelfs om verliezen aan te zuiveren.

De gokker kan beloven dat hij ermee zal ophouden, maar doet dat slechts zelden tenzij hij een ramp meemaakt die hem dwingt de situatie recht in het gezicht te kijken. Een ontmoeting met Jezus Christus is de enige oplossing voor velen, en sommige mensen ervaren onmiddellijk de bevrijding van deze verslaving. Voor anderen echter is volkomen overwinning en genezing vaak een proces. Veel van dezelfde emotionele problemen van de alcoholist zijn ook aanwezig in de gokker, en de onderliggende oorzaken moeten worden aangepakt in het licht van het Woord van God.

Het gesprek
  1. De raadgever moet een meelevende maar vastberaden houding aannemen. Het gaat om een echte verslaving. Het slachtoffer moet worden geconfronteerd met het feit dat zijn leven uit de hand is gelopen en dat hij persoonlijk verantwoordelijkheid moet aanvaarden voor zijn situatie. Wil hij werkelijk worden geholpen? Dan moet hij totaal met gokken ophouden, in al zijn vormen. Niet minder dan dat is voldoende als hij zijn probleem wil oplossen.
  2. Heeft hij ooit zijn leven aan Christus gegeven, Hem aanvaard als zijn Heer en Heiland? Neem 'Stappen tot vrede met God', pagina 11, door. Christus kan de boeien van de zonde verbreken en alle dingen nieuw maken. (Zie 2 Kor. 5:17.)
  3. Leg er de nadruk op dat hij nu een beslissing moet nemen nooit meer te gokken, in welke vorm dan ook. Hij moet, één dag tegelijk, leren op God te vertrouwen in verband met de verzoeking die er ongetwijfeld zal zijn. 'Gij hebt geen bovennatuurlijke verzoeking te doorstaan. En God is getrouw, die niet zal gedogen, dat gij boven vermogen verzocht wordt, want Hij zal met de verzoeking ook voor de uitkomst zorgen, zodat gij er tegen bestand zijt' (1 Kor. 10:13).
  4. Hij moet breken met alle relaties die verband houden met gokken. Hij moet nieuwe relaties vormen. Hij moet actief worden in een plaatselijke gemeente waar de Bijbel wordt onderwezen en waar hij God kan dienen in gemeenschap met anderen, meer uit de Bijbel leert, samen met anderen kan bidden en nieuwe vriendschappen kan sluiten die hem de steun kunnen geven bij het opbouwen van zijn nieuwe leven.
  5. Bid met hem voor een volkomen bevrijding van zijn gebondenheid. Dring er bij hem op aan dagelijks in gebed tot de Heer te gaan. Dat zal hem leren zich in toenemende mate afhankelijk te weten van God.
  6. Dring er bij hem op aan ook voor zichzelf de Bijbel te lezen en te bestuderen. Naarmate hij Gods gedachten leert kennen en in zich opneemt, zal hij een geleidelijke vernieuwing van zijn denken en zijn leven ervaren. Moedig hem aan Leven in Christus te lezen om hem daarbij op gang te helpen.
  7. Dring er bij hem op aan dat hij zo nodig verdere hulp en raad zoekt bij een gekwalificeerde voorganger of christen-psycholoog. Vaak is het nodig onderliggende oorzaken die tot de verslaving hebben geleid, langdurig en diepgaand te behandelen. Als de vraag gaat over bingo, loterijen e.d. of men poogt ze te rechtvaardigen omdat zij soms worden georganiseerd door een kerk en ten goede komen aan een goed doel, ga dan naar het materiaal in 'Achtergrond'.
    Ga hierna als volgt verder:
    1. Vraag hem of hij Jezus Christus ooit als zijn Heer en Verlosser heeft aangenomen. Neem zo nodig 'Stappen tot vrede met God', pagina 11, met hem door.
    2. Leg er de nadruk op dat Gods werk mogelijk moet worden gemaakt door de vrijgevigheid van Gods kinderen, en niet door middel van loterijen en dergelijke.

Woorden uit de Bijbel
  • 'Of gij dus eet of drinkt, of wat ook doet, doet het alles ter ere Gods.'
    1 Korintiërs 10:31
  • 'Alles is mij geoorloofd, maar niet alles is nuttig. Alles is mij geoorloofd, maar ik zal mij door niets laten knechten.'
    1 Korintiërs 6: 12
  • 'Ik vermaan u dan, broeders, met beroep op de barmhartigheden Gods, dat gij uw lichamen stelt tot een levend, heilig en Gode welgevallig offer: dit is uw redelijke eredienst.'
    Romeinen 12: 1
  • 'Bedenkt de dingen, die boven zijn, niet die op de aarde zijn. Doodt dan de leden, die op de aarde zijn: hoererij, onreinheid, hartstocht, boze begeerte en de hebzucht, die niet anders is dan afgoderij, om welke dingen de toom Gods komt.'
    Kolossenzen 3:2, 5, 6
  • 'Gij zult niet stelen. Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets dat van uw naaste is.'
    Exodus 20: 15, 17


4.HET GEZIN
(Conflicten tussen ouders en tieners)

Achtergrond
In ons gehaast, elektronisch tijdperk groeien kinderen sneller op en willen vroeger in het leven vrij zijn dan indertijd hun ouders. Ouders vinden het moeilijk de bliksemsnelle veranderingen in hun kinderen bij te houden, en het gevolg is dat er conflicten ontstaan.

Het lijkt dat de ene dag een kind m de armen van zijn ouders ligt en de volgende dag gaat hij naar school, brengt vriendjes en vriendinnetjes mee naar huis, helpt in huis, gaat naar de padvinderij of de voetbalclub - over het algemeen een leuk en goed kind! Dan, plotseling, stort het dak in!

Hij begint een grote mond op te zetten, is het niet meer eens met de regels en overtreedt ze, is soms nukkig en in zichzelf gekeerd. De tienerjaren zijn gearriveerd, en de ouders worden erdoor verrast, en soms verbijsterd.

Conflictgebieden
Er kunnen veel conflictgebieden zijn: hun vrienden en vriendinnen {en vaak zijn we er niet happy mee), make-up, corvee in huis, zakgeld, school en huiswerk, het tijdstip waarop ze thuis moeten zijn - om slechts enkele te noemen.

Er ontwikkelt zich een communicatiebarrière.
Ouders vinden het moeilijk de dingen met hun kinderen te bespreken. Zij stellen een uitleg van zeer belangrijke lichamelijke en psychische veranderingen uit, vooral op het gebied van seks en voortplanting. De ouders trekken de touwtjes strakker aan en de tiener vecht nog harder voor onafhankelijkheid. De kloof wordt breder, zij staan pal tegenover elkaar - en de strijd gaat voort.

Billy Graham: 'Rebellie, koppigheid, gebrek aan discipline, verwarring en conflicten verdrijven goede en blijde relaties in het gezin. Maar, God is geïnteresseerd in uw gezin, uw huwelijk, uw kinderen. Hij toont ons de idealen en het doel voor het gezin. Hij is bereid ons te helpen". Hebt u Gods wil gezocht? Bent u op uw knieën gegaan en hebt u uw kinderen aan de Heer opgedragen? Houdt u als gezin stille tijd met elkaar? Het antwoord ligt in het overgeven van uw hart en leven aan Jezus Christus zodat elk lid van het gezin Jezus Christus kent en het Woord van God liefheeft.'

Het gesprek
Als u met ouders spreekt die in conflict met hun kinderen verkeren, dring er dan bij hen op aan dat zij, geestelijk gesproken hun huis op orde brengen. Lees de woorden van Billy Graham m 'Achtergrond' en ga dan als volgt verder:
  1. Zeg hun dat zij, als ze de vrede van God in hun gezin willen ervaren, de vrede van God in hun hart moeten hebben. Die komt door een persoonlijke relatie met Jezus Christus. Leg de 'Stappen tot vrede met God', pagina 11, uit.
  2. Moedig de ouders aan een duidelijk standpunt in te nemen ten aanzien van Christus, in de geest van Jozua, die zei: 'Kiest dan heden, wien gij dienen zult". Maar ik en mijn huis, wij zullen de Here dienen!' (Joz. 24:15). Ze moeten besluiten dat in hun gezin Christus wordt verheerlijkt.
  3. Raad hun aan te vertrouwen op alles wat God wil geven, en wat wij ontvangen wanneer wij er om bidden. Zij moeten van God de wijsheid vragen die Hij aanbiedt (Jakobus 1:5) en zijn hulp voor de juiste geestelijke ontwikkeling voor hun kinderen. (Zie Filippenzen 4:6.) Zij moeten zowel met als voor hun kinderen leren bidden.
  4. Dring er bij de ouders op aan het leven van het gezin op te bouwen rond het Woord van God, en alle gezinsleden te helpen de vragen van het leven te zien vanuit Gods gezichtspunt.
    Moedig hen aan om de volgende dingen te doen:
    1. Te verlangen naar en te bidden om de bekering van elk gezinslid tot Christus.
    2. De gezinsactiviteiten voor een groot deel zich af te laten spelen rond een gemeente waar de Bijbel wordt onderwezen.
    3. Bereid te zijn veel geduld te betonen met geestelijke twijfels van hun kinderen.
  5. Ouders moeten regels in het gezin instellen die billijk, redelijk en 'houdbaar' zijn. Respect wordt geleerd als een reactie op gezag. Wees zo flexibel mogelijk als het gaat om hun identiteit, onafhankelijkheid en gevoel van eigenwaarde. Tieners hebben veel steun en bemoediging nodig. Conflicten worden nooit opgelost door ruzies en woordenstrijd.
  6. Het voorbeeld en de stabiliteit van de ouders oefenen een grote invloed op de kinderen uit. Een goed, gelukkig huwelijk is een betere voorbereiding van jonge mensen op het leven dan regels en toezicht. Een voortdurend voorleven van christelijke waarden zoals liefde, geduld, begrip, bemoediging en vertrouwen zal het anker verschaffen dat de tiener nodig heeft in tijden van stress en verandering. Het geloof en de overtuigingen van de ouders moeten nooit afgescheiden blijven van ervaring en daden, en zeker niet in het gezin.
  7. Een goede communicatie met de tiener zal een grote bijdrage zijn tot het vermijden van conflict. Dit betekent niet alleen 'diepe gesprekken', maar ook dat u 'tijd van hoge kwaliteit' met hem doorbrengt. Deze persoonlijke aandacht zal helpen een positief zelfbeeld in hem op te bouwen en de solidariteit in het gezin te verstevigen. Wees niet bang om uw affectie op lichamelijke wijze te tonen. Een vaderlijke omarming of een moederlijke kus is belangrijk voor het kind - het draagt ertoe bij dat het kind de liefde van zijn ouders voelt en zich aanvaard weet.

Woorden uit de Bijbel
  • 'Oefen de knaap volgens de eis van zijn weg, ook wanneer hij oud geworden is, zal hij daarvan niet afwijken.'
    Spreuken 22:6
  • 'Vaders, prikkelt uw kinderen niet, opdat zij niet moedeloos worden.'
    Kolossenzen 3:21
  • 'Luister aandachtig naar al deze geboden, die ik u geef; opdat het u en uw kinderen na u voor altoos wèl ga, wanneer gij doet wat goed en recht is in de ogen van de Here, uw God.'
    Deuteronomium 12:28
  • 'Kinderen, weest uw ouders gehoorzaam in de Here, want dat is recht. Eer uw vader en uw moeder - dit is immers het eerste gebod met een belofte - opdat het u welga en gij lang leeft op aarde. En gij, vaders, verbittert uw kinderen niet, maar voedt hen op in de tucht en de terechtwijzing des Heren.'
    Efeziërs 6: 1-4
  • 'Een rechtvaardige, wandelend in zijn oprechtheid - welzalig zijn zijn kinderen na hem.'
    Spreuken 20:7


HET GEZIN
(Opvoeden en disciplineren van kinderen)
Achtergrond
Een telkens terugkerend thema in de Bijbel is de training van kinderen door onderwijs en voorbeeld. Het boek Deuteronomium stelt expliciet dat kinderen moeten worden onderwezen in de wegen van God.

'Wat ik u heden gebied, zal in uw hart zijn, gij zult het uw kinderen inprenten en daarover spreken, wanneer gij in uw huis zit, wanneer gij onderweg zijt, wanneer gij nederligt en wanneer gij opstaat' (Deut. 6:6, 7).

Het boek Spreuken is een handboek van de wijsheid van Gods volk. Het gezin en de opvoeding van kinderen in het geloof is er een van de belangrijkste onderwerpen.
'Oefen de knaap volgens de eis van zijn weg, ook wanneer hij oud geworden is, zal hij daarvan niet afwijken' (Spreuken 22:6).
Timoteüs was van zijn kinderjaren af in de Schrift onderwezen, volgens de opdracht van God en het joodse gebruik. ' ... en dat gij van kindsbeen af de heilige schriften kent, die u wijs kunnen maken tot zaligheid door het geloof in Christus Jezus' (2 Tim. 3:15).

Paulus spreekt over de noodzaak van continuïteit in de opvoeding en discipline van onze kinderen: 'En dan komt mij voor de geest uw ongeveinsd geloof, zoals het eerst gewoond heeft in uw grootmoeder Loïs en uw moeder Eunice, en ook - daarvan ben ik overtuigd - (woont) in u' (2 Tim. 1:5).

De Bijbel leert ons dat ouders de verantwoordelijkheid hebben hun kinderen op te voeden en discipline bij te brengen zodat zij opgroeien in de kennis van de Schrift en de Heer dienen.

Het gesprek
  1. Moedig de ouders aan het soort gezin te vormen dat bevorderlijk is voor een solide geestelijke en psychische ontwikkeling.
    1. Een stabiel, vredig gezin waar liefde heerst.
    2. Het gezin moet centraal staan, met een besef van solidariteit, wederzijds respect en bemoediging van elkaar; een gezin waar allerlei dingen samen worden gedaan, vooral wanneer de kinderen jonger zijn.
    3. Een gezin waar God centraal staat en waar ieder hd het recht heeft in te gaan op de liefde van God in Christus, en te worden onderwezen in hoe hij moet leven vanuit een geestelijk perspectief. Zie Spreuken 22:6. (Dit kan een geschikt moment zijn om de ouder te vragen of hij/ zij Jezus Christus ooit als Heer en Verlosser heeft aangenomen.)
    4. Een gezin dat op het gemeenteleven is gericht. Het is v2el gemakkelijker kinderen op te voeden wanneer hun leven en dat van hun gezin en vrienden zijn centrum vindt in de gemeente.
    5. Ouders moeten hun kinderen introduceren tot de wereld van de geest door hun voorbeeld. Als ouders veel lezen, zullen de kinderen dat waarschijnlijk ook gaan doen. Goede boeken en tijdschriften op het niveau van het kind moeten in het huis aanwezig zijn. Muzieklessen, hobbies en sport moeten worden geïntroduceerd als de kinderen op de lagere school zijn. Dit zal een beveiliging tegen conflicten vormen wanneer de tienerjaren komen.
  2. Moedig de ouders aan te onderkennen dat hun kinderen bepaalde rechten hebben, maar dat deze rechten geïntegreerd moeten zijn met de rechten van alle gezinsleden.
    1. Het kind heeft recht op liefde en aanvaarding.
    2. Het kind heeft recht op het ontvangen van dat soort bevestiging dat tot zelfrespect en een besef van geborgenheid en belangrijkheid leidt.
    3. Het kind heeft het recht de ouders een oprechte affectie en respect voor elkaar te zien tonen. Voorbeelden van volwassen christelijk gedrag zijn nodig zodat de kinderen kunnen zien hoe de ouders problemen en stress hanteren.
    4. Het kind heeft er recht op fair en consequent te worden gedisciplineerd en gestraft.
      1. Verwacht niet meer van een kind dan hij kan.
      2. Wees fair en rechtvaardig in het geven van straf. Overmatige eisen en harde, lichamelijke straf leiden snel tot wrok en opstandigheid. Ouders moeten flexibel zijn en niet 'de letter van de wet' eisen.
      3. Straf of sla een kind nooit in woede of in een impuls.
      4. Geef het kind altijd uitleg zodat het weet waarom het wordt gestraft.
  3. Moedig de ouders aan tot elke prijs de communicatielijnen open te houden.
    1. De ouders moeten de tijd nemen aandachtig te luisteren en het initiatief tot het aanmoedigen van een dialoog nemen. Er moet een eerlijke discussie zijn over seks, drugs, alcohol, relatie van jongen en meisje, enzovoort.
    2. De ouders moeten ervaringen van de eigen kinder- en tienerjaren vertellen, ook fouten en mislukkingen.
    3. De ouders moeten eerlijk zijn, en het kind toestaan vraagtekens te zetten bij zijn waarden en geloofsopvattingen. Dit geeft de gelegenheid ze uiteen te zetten en ze te verdedigen. Hierdoor zal het kind zijn eigen normen en geloofsopvattingen kunnen gaan formuleren. Ouders kunnen er op hun beurt hun vraagtekens bij zetten en hun kinderen helpen het doel voor nu en voor hun leven te bepalen.

Woorden uit de Bijbel
  • 'Een rechtvaardige, wandelend in zijn oprechtheid - welzalig zijn zijn kinderen na hem.'
    Spreuken 20:7
  • 'Vaders, prikkelt uw kinderen niet, opdat zij niet moedeloos worden.'
    Kolossenzen 3:21
  • 'Veracht, mijn zoon, de tuchtiging des Heren niet en keer u niet met weerzin af van zijn bestraffing. Want de Here bestraft wie Hij liefheeft, ja, gelijk een vader een zoon, aan wie hij welgevallen heeft.'
    Spreuken 3: 11, 12
  • 'Kinderen, weest uw ouders gehoorzaam in de Here, want dat is recht. Eert uw vader en uw moeder - dit is immers het eerste gebod met een belofte - opdat het u welga en gij lang leeft op aarde. En gij, vaders, verbittert uw kinderen niet, maar voedt hen op in de tucht en in de terechtwijzing des Heren.'
    • Spreuken 31:10, 26, 27, 28
    • Spreuken 30: 11
    • Deuteronomium 12:28
    • Efeziërs 6: 1-4


HET GEZIN
(Ouders voor Christus winnen)
Achtergrond
Paulus schreef eens aan Timoteüs het volgende:
'Niemand schatte u gering om uw jeugdige leeftijd, maar wees een voorbeeld voor de gelovigen in woord, in wandel, in liefde, in geloof en in reinheid ... Zie toe op uzelf en op de leer, volhard in deze dingen; want door dit te doen zult gij zowel uzelf als hen, die u horen, behouden' (1 Tim. 4:12, 16).

Hoewel dit advies bijna tweeduizend jaar geleden werd gegeven, is het nog steeds van toepassing voor ieder jong persoon die Christus heeft aangenomen en zich diepe zorgen maakt over het geestelijk welzijn van zijn ouders.

Onlangs zei een predikant dat, wanneer een tiener zich heeft bekeerd en wil weten hoe hij moet getuigen, hij hem zegt naar huis te gaan, zijn kamer op te ruimen, zijn bed op te maken, om zijn ouders te geven, vriendelijk te zijn, naar andere mensen te luisteren, en te wachten totdat zijn ouders vragen wat er met hem is gebeurd voordat hij vertelt dat Christus zijn leven heeft veranderd.

OPMERKJNG: Christen-tieners zijn niet de enige mensen die ouders hebben die de Heer niet kennen. Dat kan ook het geval zijn met volwassenen die christen zijn - en sommigen zijn al op jaren!

Billy Graham geeft in een van zijn boeken dit advies:
'In de eerste plaats stel ik voor dat je geduld hebt met je ouders. Zij willen er zeker van zijn dat je ervaring met Christus niet een bevlieging is.
Ten tweede, laat Christus zo geheel bezit van je nemen dat zij een verschil in je zien.
Ten derde, bid voor hen. Het kan lijken dat ze niet naar je luisteren, maar ze horen meer dan je denkt. Het gebeurt misschien niet in een week, in een maand of misschien zelfs een jaar, maar Gods Geest is aan het werk.
Vergeet niet dat de Bijbel zegt: 'Laten wij niet moede worden goed te doen, want, wanneer het eenmaal tijd is, zullen wij oogsten, als wij niet verslappen' (Gal. 6:9).

Het gesprek
  1. Maak de jonge persoon een compliment dat hij advies vraagt over hoe hij moet getuigen. Het is een teken van een meer dan gemiddelde geestelijke belangstelling.
  2. Lees Billy Grahams advies in 'Achtergrond', en leg de nadruk daarna op het volgende:
    1. In de Schrift (1 Tim. 4:12, 16) is 'voorbeeld' het sleutelwoord. In het gezin kan dit het best worden getoond door respect, gehoorzaamheid en daden van liefde en vriendelijkheid. Denk aan het gezegde: 'Je daden spreken zo luid dat ik niet hoor wat je zegt.'
    2. Zorg ervoor dat je in je leven als christen consequent bent, en dat je je niet de ene dag wel en de andere dag niet als christen gedraagt.
  3. Dring er bij hem op aan dat hij aandacht schenkt aan de ontwikkeling van zijn eigen geestelijk leven door Gods Woord te lezen en te bestuderen, te bidden (hij kan de naam van zijn ouders bovenaan zijn gebedslijst zetten), door op school goed werk te leveren, en door mee te gaan doen in christelijke activiteiten met andere jongelui.
  4. Raad hem aan geduldig te bidden voor kansen om te getuigen. Getuigen kun je in allerlei vormen doen, persoonlijk bijvoorbeeld of door het gezin uit te nodigen voor een speciale christelijke activiteit of voor een kerkdienst, enzovoort.
  5. Bid met de jeugdige betrokkene dat het advies van Paulus aan Timoteüs een realiteit mag zijn in zijn eigen leven. Dit alles klinkt misschien niet zo opwindend, maar de ervaring heeft uitgewezen dat het de beste, zo niet de enige manier, is.

Woorden uit de Bijbel
  • 'Niemand schatte u gering om uw jeugdige leeftijd, maar wees een voorbeeld voor de gelovigen in woord, in wandel, in liefde, in geloof en in reinheid". Behartig deze dingen, leef er in, opdat aan allen blijke, dat gij vooruit gaat. Zie toe op uzelf en op de leer, volhard in deze dingen; want door dit te doen, zult gij zowel uzelf als hen, die u horen, behouden.'
    1 Timoteüs 4:12-16
  • 'Weest in geen ding bezorgd, maar laten bij alles uw wensen door gebed en smeking met dankzegging bekend worden bij God. En de vrede Gods, die alle verstand te boven gaat, zal uw harten en uw gedachten behoeden in Christus Jezus.'
    Filippenzen 4:6, 7
  • 'Maar gij zult kracht ontvangen, wanneer de heilige Geest over u komt, en gij zult mijn getuigen zijn te Jeruzalem en in geheel Judea en Samaria en tot het uiterste der aarde.'
    Handelingen 1:8
  • 'Neemt daarom de wapenrusting Gods, om weerstand te kunnen bieden in de boze dag, en om, uw taak geheel vervuld hebbende, stand te houden.'
    Efeziërs 6: 13