BAPTISTEN
Gemeente
Het Baken

kerspellaan 2
(wijk Angelslo)
7824 JG
EMMEN


hartelijk welkom

LEVENSVRAGEN
(in alfabetische volgorde)

NIEUW LEVEN en NEGATIEVE GESTELDE VRAGEN

NIEUW LEVEN
In nieuwheid van leven wandelen' (Rom. 6:4)

BREKEN MET SLECHTE GEWOONTEN
Achtergrond
Men zegt dat mensen gewoontedieren zijn. Veel dingen doen we automatisch, alsof ze onze 'tweede natuur' geworden zijn: we zijn ons er soms niet eens van bewust dat we bepaalde dingen doen of dat we ze op een bepaalde manier doen.

Onder het hoofd 'Slechte gewoonten' valt een grote reeks negatieve gedragingen; wij verstaan er hier die dingen onder, die de geestelijke groei van de christen belemmeren of anderen aanstoot geven. We kunnen spreken over de zogenaamde zonden van de geest, zoals afgunst, jaloezie, kwaadwilligheid, laster, liegen, zelfzucht, ongeduld, ruzie, uitstellen van wat moet worden gedaan, enzovoort. We kunnen ook spreken over dwangmatig gedrag: eten, drinken, geld uitgeven, lezen en bekijken van pornografie, overmatig werken, verkeerde gedachten, masturbatie, vloeken, enzovoort.

Het onderwerp van slechte gewoonten is van speciaal belang in het licht van de bijbelse eis dat christenen 'in nieuwheid van leven' moeten wandelen' (Rom. 6:4). Wanneer wij ons aan de Heer overgeven, vragen we Hem ons hart te doorzoeken en alles te openbaren wat Hem mishaagt (Ps. 139:23, 24); dan beginnen we veel lelijke dingen te zien waarmee moet worden afgerekend. Het belangrijkste dat we in verband met slechte gewoonten moeten bedenken, is dat zij God mishagen en met zijn hulp kunnen ze worden doorbroken en door alternatieven vervangen.

Niemand van ons is onveranderlijk. Het evangelie is gespecialiseerd in verandering (2 Kor. 5:17). We weten dat God in ons leven kan werken om ons gedrag in lijn te brengen met wat Hem behaagt. 'Want zijn maaksel zijn wij, in Christus Jezus geschapen om goede werken te doen, die God tevoren bereid heeft, opdat wij daarin zouden wandelen' (Ef. 2:10).

Billy Graham: 'De kracht voor onze overwinning wordt voortdurend ontleend aan Christus... De christen heeft nu krachtbronnen waardoor hij boven zijn gebonden heden kan uitstijgen. De Bijbel leert ons dat ieder die uit God geboren is, niet in de zonde leeft.'

Het gesprek
  1. Geef de hulpzoeker een compliment voor het feit dat hij voldoende in zijn geestelijk leven is geïnteresseerd om oplossingen te zoeken voor problemen die verband houden met verkeerde gewoonten. Verandering is mogelijk voor alle mensen, ongeacht hun leeftijd of andere beperkingen. 'Ik vermag alle dingen in Hem, die mij kracht geeft' (Fil. 4:13). Zijn hulp en de verwachting dat de boeien van het op zichzelf gerichte leven zullen worden gebroken, moeten de motivatie verschaffen voor het behalen van de uiteindelijke overwinning.
  2. Vraag of de hulpzoekende Jezus Christus ooit als persoonlijke Verlosser en Heer heeft aangenomen. Men kan er niet automatisch van uit gaan dat iemand die gebukt gaat onder slechte gewoonten, de Heer kent. Weet hij zeker dat hij die blijvende relatie met Christus ervaart waarin hij de kracht kan ontvangen die God heeft beloofd en die verandering in zijn leven kan brengen?
  3. Zeg dat de verkeerde gewoonte of gewoonten (zonden) met naam en toenaam onder ogen moeten worden gezien. Het is noodzakelijk vast te stellen welke gebieden verandering behoeven. Het is een uitdaging die men realistisch onder ogen moet zien, omdat het breken met vaste gewoonten moeilijk is. Men kan ze niet 'weg wensen'. Het gebruik van vrome woorden is nutteloos. We moeten eraan werken. De apostel Paulus zette dit in het juiste perspectief toen hij zei: 'Ik, ellendig mens! Wie zal mij verlossen uit het lichaam dezes doods? Gode zij dank door Jezus Christus, onze Heer!' (Rom. 7:24). De oplossing komt niet onmiddellijk of op eenvoudige wijze.
  4. Moedig hem aan de verkeerde gewoonten als zonde aan de Heer te belijden en vergeving te vragen. Help hem tevens een verbond met God te sluiten dat hij aan zijn probleem blijft werken totdat de overwinning is behaald. Een duidelijke belofte op een gegeven plaats en tijd is een goed uitgangspunt voor verandering. Besluit wat u gaat doen; weet wat u wilt. (Zie de uitspraak van Jozua in Jozua 24:15.)
  5. Vertel de hulpzoeker dat verkeerde gewoonten kunnen worden doorbroken door het beginsel van vervanging toe te passen.
    • De apostel Paulus spreekt over het beginsel van 'afleggen' en 'aandoen'. ' ... dat gij, wat uw vroegere wandel betreft, de oude mens aflegt, die ten verderve gaat, naar zijn misleidende begeerten, dat gij verjongd wordt door de geest van uw denken, en de nieuwe mens aandoet, die naar de wil van God geschapen is in waarachtige gerechtigheid en heiligheid' (Ef. 4:22-24).
    • Hij spreekt in termen van het uittrekken van vuile en het aantrekken van schone kleren. Paulus illustreert het beginsel als volgt: 'Legt daarom de leugen af en spreekt waarheid .. .' (Ef. 4:25); en: 'Wie een dief was, stele niet meer, maar spanne zich liever in om met zijn handen goed werk te verrichten .. .' (4:28).
    • Uit het hoofd geleerde bijbelverzen kunnen een grote hulp zijn bij het in praktijk brengen van dit 'afleggen' en 'aantrekken'. Voor de christen die steeds in vloeken of vuile taal vervalt, kan een tekst als de volgende een goede hulp betekenen: 'Geen liederlijk woord kome uit uw mond, maar als gij een goed woord hebt, tot opbouw, waar dit nuttig is, opdat zij, die het horen, genade ontvangen' (Ef. 4:29).
    • Op andere momenten kan men een woord van dank of lofprijzing gebruiken, zoals bijvoorbeeld te vinden is in Psalm 34 of 103. Geef hem of haar de verzekering dat er een geestelijk alternatief is voor iedere verkeerde gewoonte die verbroken kan worden!
  6. Zeg dat dagelijks bijbellezen, het bestuderen van de Bijbel en het uit het hoofd leren van bijbelwoorden van grote waarde zijn. Naarmate Gods gedachten onze geest beginnen te doortrekken, moeten de dingen beginnen te veranderen.
  7. Stel voor dat men een speciaal contact ziet te leggen met een andere christen met wie men over en weer problemen, gebeden en overwinningen kan delen. Dit soort persoonlijk contact helpt veel mensen.
  8. Raad hem/ haar aan naar mogelijkheden te zoeken om Christus te dienen. Wanneer wij beginnen onze ervaringen en de vrucht van onze bijbelstudie en persoonlijke overwinningen aan anderen door te geven, worden wij 'gesterkt in de innerlijke mens'.
  9. Als de hulpzoekende nog geen lid is van een actieve gemeente waar de Bijbel wordt onderwezen, dient hij zich bij zo'n gemeente aan te sluiten.
  10. Raad hem aan een gewoonte te kiezen die overwonnen moet worden en enkele concrete stappen vast te stellen.
  11. Bid met hem/haar om overwinning over de verkeerde gewoonte, tot de eer van God.

Woorden uit de Bijbel
  • 'Onderwerpt u dus aan God, maar biedt weerstand aan de duivel, en hij zal van u vlieden.'
    Jakobus 4:7, 8
  • 'Ik berg uw woord in mijn hart, opdat ik tegen U niet zondige.'
    Psalm 119:11
  • 'Zo moet het ook voor u vaststaan, dat gij wèl dood zijt voor de zonde, maar levend voor God in Christus Jezus. Laat dan de zonde niet langer als koning heersen in uw sterfelijk lichaam, zodat gij aan zijn begeerten zoudt gehoorzamen, en stelt uw leden niet langer als wapenen der ongerechtigheid ten dienste van de zonde, maar stelt u ten dienste van God, als mensen, die dood zijn geweest, maar thans leven, en stelt uw leden als wapenen der gerechtigheid ten dienste van God. Immers, de zonde zal over u geen heerschappij voeren, want gij zijt niet onder de wet, maar onder de genade.'
    Romeinen 6:11-14
  • 'Maar in dit alles zijn wij meer dan overwinnaars door Hem, die ons heeft liefgehad.'
    Romeinen 8:37
  • 'Hij zeide tot allen: Indien iemand achter Mij wil komen, die verloochene zichzelf en neme dagelijks zijn kruis op en volge Mij.'
    Lucas 9:23
  • 'Want God is het, die om zijn welbehagen zowel het willen als het werken in u werkt... opdat gij onberispelijk en onbesmet moogt zijn, onbesproken kinderen Gods te midden van een ontaard en verkeerd geslacht, waaronder gij schijnt als lichtende sterren in de wereld.'
    Jeremia 17:9, 10
    Galaten 2:20
    2 Timoteüs 2: 15
    Filippenzen 2:13,15


NEGATIEVE GESTELDE VRAGEN
door Paul E. Little
  1. Gaat de heiden verloren? Hoe zit het met de heiden?
    'Wat gebeurt er met de persoon die nooit over Jezus Christus heeft gehoord? Wordt hij veroordeeld tot de hel?' Bepaalde dingen zijn alleen aan God bekend (Deut. 29:29). Over sommige dingen heeft God zijn plan niet volledig geopenbaard. Dit is zo'n punt. De Schrift geeft ons wel enkele zeer duidelijke punten die wij in gedachten moeten houden.
    1. God is rechtvaardig. Wat Hij ook doet met de mensen die nooit van Jezus Christus hebben gehoord, zal eerlijk en rechtvaardig zijn.
    2. Niemand zal worden veroordeeld voor het verwerpen van Jezus Christus van wie hij nooit heeft gehoord; in plaats daarvan zal hij worden geoordeeld wegens het schenden van zijn eigen morele norm, hoe laag of hoog deze ook was. De hele wereld - ieder persoon, of hij wel of niet van de Tien Geboden heeft gehoord - is in zonde. Romeinen 2 vertelt ons duidelijk dat ieder mens een of andere norm heeft, en dat in iedere cultuur mensen willens en wetens de norm die zij hebben, overtreden (Rom. 2: 12-16).
    3. De Schrift geeft aan dat ieder mens vanuit de schepping voldoende informatie heeft om te weten dat God bestaat (Rom. 1:20: 'Zodat zij geen verontschuldiging hebben'). Psalm 19 bevestigt dit feit. Matteüs 7:7-11 en Jeremia 29:13 zeggen dat als iemand reageert op het licht dat hij heeft en God zoekt, God hem een kans zal geven om de waarheid aangaande Jezus Christus te horen.
    4. Er is in de Bijbel geen aanwijzing te vinden dat iemand gered kan worden buiten Jezus Christus om (Joh. 14:6). Alleen Hij heeft de straf voor onze zonden betaald. Hij is de enige brug over de kloof die de hoogste menselijke prestatie die mogelijk is, scheidt van de oneindig heilige norm van God (Hand. 4:12). Wij, die onszelf christen noemen, moeten ervoor zorgdragen dat het evangelie aan alle mensen bekend wordt.
    5. De Bijbel is volkomen duidelijk aangaande het oordeel dat de persoon die het evangelie heeft gehoord, te wachten staat. Wanneer hij voor God verschijnt, gaat het niet over de heiden. Hij zal verantwoording moeten afleggen over wat hij persoonlijk met Jezus Christus heeft gedaan. Gewoonlijk stelt iemand de vraag over de heiden als een rookgordijn zodat hij onder zijn persoonlijke verantwoordelijkheid uit kan komen. We moeten deze vraag voor hem beantwoorden. Maar dan, als we dat hebben gedaan, moeten wij ons op de persoon zelf en op zijn verantwoordelijkheid richten. Wat gaat hij met Jezus Christus doen?

  2. Is Christus de enige weg tot God?
    Oprechtheid noch intensiteit van geloof kan waarheid creëren. Geloof heeft niet meer waarde dan hetgeen waar het op gericht is. Het enige punt waarom het werkelijk gaat, is de vraag naar de waarheid.
    Islam en christelijk geloof bijvoorbeeld komen sterk overeen op moreel en ethisch gebied, maar de twee godsdiensten staan lijnrecht tegenover elkaar als het gaat om de centrale vraag: 'Wie is Jezus Christus?'
    De islam ontkent dat Jezus Christus de Zoon van God is.
    Deze godsdiensten kunnen het op dit punt niet allebei tegelijk bij het juiste eind hebben. De een is juist; de ander is niet juist. Als het hart van het christelijk geloof niet juist is, dan is ons geloof zonder waarde.

    Deze vraag heeft een aantal emotionele aspecten. Christenen zijn niet onverdraagzaam, bevooroordeeld of aanmatigend wanneer zij zeggen dat Christus de enige weg tot God is. Christenen hebben geen andere keus omdat Jezus Christus zelf dit heeft gezegd. Het gaat hier om waarheid die tot ons is gekomen door openbaring, door de komst van God zelf in de geschiedenis van de mensen in Jezus Christus.

    Sommige wetten en hun straf zijn sociaal bepaald. Als men bijvoorbeeld gepakt wordt voor het overschrijden van de maximum snelheid, krijgt men een boete. Maar in andere aspecten van het leven, zoals op het gebied van de fysica, vinden we wetten die niet sociaal zijn bepaald. De wet van de zwaartekracht is zo'n wet. Op het morele vlak zijn er, net als in de fysica, wetten die niet sociaal zijn bepaald. Wij kennen deze wetten door wat God heeft geopenbaard over de inhaerente wet van het heelal. Een van deze wetten is dat Jezus Christus de enige weg tot God is.

  3. Waarom lijden onschuldige mensen?
    'Als God liefde en almachtig is, waarom lijden onschuldige mensen dan?' Hier moeten we ons gedeeltelijk gebrek aan kennis toegeven. We hebben geen volledige uitleg van de oorsprong en het probleem van het kwaad omdat God bepaald heeft slechts een deel aan ons te openbaren. God heeft het heelal volmaakt geschapen; de mens heeft met zijn vrije wil gekozen ongehoorzaam te worden.

    Het kwaad kwam in de wereld door de ongehoorzaamheid van de mens. Omdat de mens ongehoorzaam werd en Gods wet brak, is het kwaad in de wereld gekomen. We moeten de aanwezigheid van kwaad in ieder mens niet over het hoofd zien. Als God ons allemaal naar onze daden zou oordelen, zou niemand overleven. Stel dat God zou besluiten: 'Vanavond om twaalf uur zal al het kwaad uit de wereld worden verwijderd.' Wie zou er dan nog zijn om 1 uur?

    Nu we hebben gewezen op het persoonlijke probleem van ieder mens met het kwaad, moeten we weten dat God alles heeft gedaan wat nodig is om dit probleem op te lossen. Hij kwam de geschiedenis van de mensen binnen in de Heer Jezus Christus, en Jezus stierf voor de oplossing van dit probleem. leder mens die op zijn aanbod ingaat, ontvangt zijn geschenk van liefde, genade en vergeving in Jezus Christus.

    C.S. Lewis heeft opgemerkt dat het weinig zin heeft over het probleem van het kwaad te speculeren. Het probleem waarmee wij allemaal te maken hebben, is het feit van het kwaad. De enige oplossing voor dit feit is Gods Zoon, Jezus Christus.

  4. Hoe kunnen wonderen mogelijk zijn?
    'Hoe kunnen we geloven in wonderen? In dit wetenschappelijke tijdperk kunnen intelligente mensen, die van de wetmatigheid in het heelal afweten, daar toch niet meer in geloven?'

    De eigenlijke vraag waarom het hier gaat, is of God wel of niet bestaat. Als God bestaat, dan zijn wonderen logisch en leveren geen intellectuele problemen op. Per definitie is God almachtig. Hij kan ingrijpen in het heelal dat Hij heeft geschapen, en Hij doet dat ook.

    Uiteindelijk gaat het dan ook om de vraag: 'Hoe weet ik dat God bestaat?' De geschiedenis heeft veel redeneringen en bewijzen voor het bestaan van God gezien. Maar daar zijn ook weer tegenargumenten tegen ingebracht. Dwingend bewijs voor het bestaan van God is er dan ook niet.

    De belangrijkste aanwijzing voor het bestaan van God is zijn komst in de menselijke geschiedenis. Ik weet dat God bestaat, niet op grond van alle filosofische argumenten, maar omdat Hij in de geschiedenis van de mensen binnenkwam in Jezus Christus en ik Hem persoonlijk heb leren kennen. Ons antwoord begint met Hem.

    Wat Hij over Zichzelf zegt, maakt Hij waar, met name door zijn opstanding uit de doden. Wanneer wij een niet-christen proberen te helpen de intellectuele basis van het christelijk geloof te doordenken, is onze beste verdediging een goede aanval.

    Een manier om zijn denken te stimuleren is te vragen: 'Welke van de drie andere mogelijkheden over Jezus Christus gelooft u, gezien het feit dat u niet gelooft dat Hij de waarheid was?' Er zijn slechts vier conclusies mogelijk over Jezus Christus en wat Hij over Zichzelf zei.
    Hij was óf een leugenaar, een krankzinnige, een legende, óf de Waarheid.
    • Leugenaar.
      De meeste mensen geloven dat Jezus een groot filosoof en zedelijk leraar was. Hem een leugenaar noemen, zou daarmee tegenstrijdig zijn.
    • Krankzinnige.
      Hij dacht dat Hij deed wat goed was, maar Hij leed aan grootheidswaanzin. Het probleem met deze conclusie is dat de klinische symptomen van krankzinnigheid niet passen bij de kenmerken van de persoonlijkheid van Jezus Christus. De innerlijke kracht en evenwichtigheid die Hij vertoonde, zijn niet kenmerken voor mensen die aan een ernstige geestesziekte lijden.
    • Legende.
      Hij heeft de uitspraken die aan Hem worden toegeschreven, nooit gedaan. Zij zijn in zijn mond gelegd door overmatig enthousiaste volgelingen in de derde en vierde eeuw.

    De moderne archeologie maakt het echter moeilijk deze theorie te handhaven. Recente ontdekkingen bevestigen dat de documenten van het Nieuwe Testament zijn geschreven tijdens het leven van de tijdgenoten van Jezus Christus. Voor de ontwikkeling van een gecompliceerde legende zou een veel groter tijdsbestek nodig zijn geweest.

    We moeten met de persoon ook overwegen wat het bewijzen of niet bewijzen van God betekent. We kunnen God nooit via de wetenschappelijke methode bewijzen. Maar dat betekent niet dat onze zaak verloren is. De wetenschappelijke methode als een middel tot verificatie is beperkt tot meetbare aspecten van de werkelijkheid. Niemand kan liefde, haat of gerechtigheid meten. Maar er is een wetenschap van de geschiedenis. Wanneer we de gegevens voor het christelijk geloof bestuderen, en in het bijzonder de bewijsstukken voor de opstanding, dan vinden we een solide basis om onze overtuiging op te baseren.

    Dit zijn de gedachten die we kunnen noemen tegenover een persoon die de materialistische positie inneemt, gebaseerd op rationalistische vooronderstellingen, en beweert dat er geen bovennatuurlijke realiteit is en dat daarom wonderen onmogelijk zijn. Wanneer iemand met deze vooronderstelling begint, zal totaal niets hem van de waarheid overtuigen.

    Als je bent begonnen met het ontkennen dat wonderen mogelijk zijn, wat voor bewijs zou je dan ooit kunnen overtuigen dat er een wonder heeft plaatsgevonden? Geen enkel. Christus doelde op dit soort probleem in Lucas 16:28- 31. Het beginsel geldt ook voor onze tijd. De data die we hebben aangaande Gods bezoek aan deze planeet zijn voor ons voldoende grond om te geloven. Wanneer iemand weigert dit bewijsmateriaal te aanvaarden, zal ook geen extra bewijsmateriaal hem overtuigen.

  5. Staat de Bijbel niet vol fouten?
    'Hoe kun je je geloof in overeenstemming brengen met het feit dat de Bijbel vol fouten staat?'
    De betrouwbaarheid van de Schrift wordt hier in twijfel getrokken.
    Vraag om te beginnen aan welke fouten de persoon denkt. Negenennegentig procent van de mensen kan geen enkele fout noemen. Als de persoon een specifiek probleem heeft en u het antwoord niet weet, dan hoeft u niet in paniek te raken. Zeg hem gewoon: 'Ik weet het antwoord op deze vraag niet, maar ik zal het graag voor u opzoeken.'

    Als de persoon de Bijbel niet heeft gelezen, dan is dat een redelijke aanwijzing dat hij onoprecht is in zijn vraagstelling. Maar zeg hem dat niet en steek nooit de draak met iemand. Dat zou het evangelie bepaald niet dienen. De Bijbel bevat een aantal schijnbare tegenstrijdigheden. Maar telkens en telkens weer is een schijnbare tegenstrijdigheid in een ander licht komen te staan door de ontdekkingen van de moderne archeologie.

    Dr. Nelson Glueck, een vooraanstaand joods archeoloog, heeft de opmerkelijke uitspraak gedaan: 'Geen enkele archeologische vondst heeft ooit een bijbels gegeven tegengesproken_' De evolutie kan een probleem zijn als het voor iemand tot een atheïstische conclusie leidt. Maar het eigenlijke probleem is niet de evolutie, maar Christus zelf. Vraag: 'Welke conclusie trekt u vanuit uw positie over de evolutie - dat het heelal bij toeval is ontstaan? Of zegt u dat God de wereld heeft geschapen en dat heeft gedaan met gebruikmaking van bepaalde evolutionaire processen?

    Ik ben niet overtuigd van die positie, maar laten we voor het ogenblik aannemen dat deze juist is. Welke conclusie trekt u dan?' Vraag vervolgens zijn aandacht voor wat Jezus Christus heeft gezegd en gedaan. Hoe God de wereld heeft geschapen is niet zo belangrijk als het feit dat Hij het heeft gedaan. Iemands veronderstellingen, en niet het beschikbare bewijsmateriaal, bepalen vaak iemands conclusie.

    Een schijnbaar sterke bewijsvoering voor een naturalistische positie kan worden gemaakt door het bewijsmateriaal voor Jezus Christus over het hoofd te zien. Maar als iemand intellectueel eerlijk is, moet hij met Hem klaar komen. Een verbazingwekkend groot aantal intelligente niet- christenen hebben nog nooit werkelijk nagedacht over het bewijsmateriaal voor Jezus Christus.

  6. Is de christelijke ervaring niet alleen maar een psychisch verschijnsel?
    Sommige mensen menen dat wij alleen maar geloof hebben omdat wij daartoe sinds onze jeugd zijn geconditioneerd. We zijn opgevoed als de honden van Pavlov - een oversimplificatie. Er zijn christenen bekeerd van alle denkbare achtergronden. Duizenden hebben in hun jeugd totaal geen contact met het christelijk geloof gehad.

    Niettemin zullen ze allemaal getuigen van een persoonlijke ontmoeting met Christus die hun leven totaal heeft gewijzigd. De Heer zelf is de enige constante factor. Anderen beweren dat geestelijke idealen in feite niet anders zijn dan de vervulling van wensen. Zij kunnen worden teruggebracht op de behoefte van iemand aan God, wat in zijn geest een beeld creëert, en dat beeld, een projectie dus van zijn behoefte, wordt vervolgens aanbeden. Objectieve realiteit ontbreekt volkomen. Religie wordt een kruk genoemd van mensen die het leven niet aan kunnen. Religieuze mensen hebben zichzelf gehypnotiseerd.

    Wat is ons objectieve bewijs voor onze subjectieve ervaringen? Het christelijk geloof verschilt van autohypnose, wensvervulling en alle andere psychologische verschijnselen in de zin dat de subjectieve ervaring van de christen hecht verbonden is aan een objectief, historisch feit, namelijk de opstanding van Jezus Christus uit de doden. Als de opstanding waar is, dan maakt dat het verschil uit. Het is dan een bevestiging van Gods openbaring in Christus, een absolute waarheid, een historisch feit buiten onszelf, een objectief feit waaraan zich onze subjectieve ervaring hecht. We moeten deze twee feiten, het objectieve en subjectieve, in het juiste perspectief houden. Ik moet erkennen dat mijn ervaring is gebaseerd op het vaste fundament van een objectief feit in de geschiedenis.

  7. Is een goed, hoogstaand le ven niet genoeg om mij naar de hemel te doen gaan?
    Een student zei: 'Als God ons een cijfer geeft voor ons gedrag, dan zit het met mij wel goed, want dan zit ik boven het gemiddelde.' De meeste mensen aanvaarden de gedachte dat wij alleen maar ons best hoeven doen, en dat dan alles in orde komt, of dat we er dan in ieder geval wel komen, al is het maar met de hakken over de sloot.

    Dit is ongelooflijk optimistisch over de gerechtigheid van de mens en een verbluffende onkunde over Gods oneindige heiligheid. God beoordeelt ons niet in vergelijking met andere mensen. Hij heeft een absolute norm, Jezus Christus. Het licht verwoest de duisternis. Het karakter van God schijnt zo fel in al zijn zuiverheid dat het alle kwaad verteert. In Gods tegenwoordigheid zouden we, wegens het bederf in ons leven, volkomen worden verteerd.

    De volkomen gerechtigheid van Jezus Christus is de enige basis waarom wij in gemeenschap met de levende God kunnen komen. Het is niet genoeg een 'goed mens' te zijn. Van de misdadiger in de gevangenis tot het toonbeeld van hoogstaand gedrag - door ons gedrag kan niemand van ons worden gered. Niemand kan zwemmend de Atlantische Oceaan oversteken. leder die dat probeert, zou verdrinken. Geen enkel soort zwemtraining zou daaraan iets kunnen veranderen. We komen deze Oceaan nooit alleen over. Zo komen we ook nooit alleen in de hemel. Zonder Christus gaat dat niet.

    Als u volkomen volmaakt kunt leven, dan kunt u zonder hulp in de hemel komen. Maar dat is nog nooit iemand gelukt en dat zal ook niemand gelukken. Alle andere religies in de wereld zijn in feite zwemlessen, morele normen en regels voor een prachtig levenspatroon. Maar het fundamentele probleem van de mens is niet dat hij niet zou weten hoe hij moet leven; het is een gebrek aan de kracht om te leven zoals hij behoort te doen. Het goede nieuws is dat Jezus Christus, die in de geschiedenis van de mensen is binnengetreden, voor ons doet wat wij onmogelijk zelf kunnen doen. Door Hem kunnen wij worden verzoend met God, zijn gerechtigheid ontvangen, en in staat worden gesteld met Hem gemeenschap te hebben in zijn onmiddellijke nabijheid.