BAPTISTEN
Gemeente
Het Baken

kerspellaan 2
(wijk Angelslo)
7824 JG
EMMEN

Bijbelstudies
JAARTHEMA : Als geloofshelden samen de wedloop lopen!
(De bijbelstudies zijn gratis en iedereen (ook niet-gemeenteleden) is welkom. Er is ook geen collecte)
Bijbelstudies voor geloofsopbouw en toerusting
In verband met de corona maatregelen wordt gezocht hoe we deze kunnen houden, zodat alle RIVM richtlijnen kunnen worden gewaarborgd. Misschien kunnen we de bijbelstudie digitaal beschikbaar stellen.

2 Timotheus 3:16-17
"Elk van God ingegeven schriftwoord is ook nuttig om te onderrichten, te weerleggen, te verbeteren en op te voeden in de gerechtigheid, opdat de mens Gods volkomen zij, tot alle goed werk volkomen toegerust."

Thema : "Als geloofshelden samen de wedloop lopen!"
De volgende geloofshelden komen aan de orde:
2020 2021
NR. DATUMWEEK NR. DATUMWEEK
01 Davidwo. 14 oktober week 42 06 Augustinuswo. 27 januari week 04
02 Eliawo. 28 oktober week 44 07 Franciscuswo. 10 februari week 06
03 Daniëlwo. 11 november week 46 08 Hubmaierwo. 24 februari week 08
04 Petruswo. 25 november week 48 09 Luther Kingwo. 10 maart week 10
05 Pauluswo. 09 december week 50 10 Grahamwo. 24 maart week 12

David.
Zijn naam betekent 'lieveling, bemind, beminde, geliefde'. David was de tweede koning van Israõl, in de 11de en 10de eeuw v. Chr. van c. 1010 v. Chr. tot c. 970 v. Chr. Hij was een man naar Gods hart en een voorvader van onze Heer Jezus Christus. Hij was een achterkleinkind van Boaz en Ruth. Een groot deel van de Psalmen wordt aan David toegeschreven, waarin hij getuigt van zijn vertrouwen op God. Bekende Psalmen zijn Psalm 23 ("De Heer is mijn herder"), Psalm 103 ("Prijs de Heer, mijn ziel") en Psalm 131 ("Heer, niet trots is mijn hart").
Elia.
Elia betekent : "(Mijn) God is JaHWeH"
Elia is één van de grote en belangrijke profeten. De profeet Elia trad op tijdens de regeringen van de koningen Achab (870-851 v.Chr.) en Achazja (851-850 v.Chr.) in het noordelijke koninkrijk Israël. Hij is vooral bekend om zijn optreden tegen de Baäldienst, ten tijde van de Israëlische koning Achab en zijn gemalin Izebel. Men verwachtte op grond van Mal. 4:5-6 dat hij vóór de komst van de Christus (Messias) zou terugkeren.
Daniël.
Daniël betekent "God is rechter" of "God is mijn rechter". Daniël werd ca. 622 v.Chr. geboren. De Griekse Septuaginta en de Christelijke canon schaart het boek Daniël onder de profeten, terwijl de Tenach het werk in de Ketoeviem (de Geschriften) plaatst. Er is geen eenduidige verklaring voor dit verschil. De Here Jezus noemt in Matteüs 24:15; Marcus 13:14 Daniël een profeet. Het boek Daniël, samen met Ezra-Nehemia, de enige boeken van het Oude Testament zijn met langere passages geschreven in het Aramees. In Daniël loopt de Aramese sectie dwars door het boek heen, vanaf hoofdstuk 2:4 tot 7:28. Volgens Dan. 1:1 werd hij in het 3e regeringsjaar van koning Jojakim, dus in 605 of 606 vóór Christus, naar Babel overgebracht. Hij was toen nog erg jong, waarschijnlijk 16 jaar oud. Hij behoorde tot een voorname familie in Jeruzalem, misschien zelfs verwant met de koninklijke familie.
Petrus.
De Here Jezus noemt Simon "Kefas". ("Kefas is Aramees en betekent "rots") Matth.16:18-19, Joh.1:42. Petrus is een van de twaalf discipelen van Jezus Christus die later een apostel werd. Hij is geboren in Galilea. Hij was een visser op het meer van Genesareth. Zijn volledige naam is Simon bar Jona, wat Simon, zoon van Jona betekent. Hij was getrouwd en het is bekend dat zijn vrouw hem vergezelde op zijn zendingsreizen. (Matth. 8:14 en 1 Cor. 9:5) Uit de geschriften van Clemens en Ignatius weten wij dat Petrus een marteldood is gestorven. Waarschijnlijk onder het bewind van keizer Nero (geboren te Antium op 15 december 37 en gestorven bij Rome op 9 juni 68). Nero liet het Rijk bankroet en in totale chaos achter. De senaat vervloekte zijn nagedachtenis met de damnatio memoriae ("vervloeking van de nagedachtenis") Dit betekende o.a. dat zijn standbeelden werden vernietigd en zijn naam van de openbare gebouwen werd verwijderd..
Paulus.
Het Griekse woord Saulos betekent: "gewenst, verlangd". Er is geen naamsverandering van Saulus naar Paulus. Handelingen 13:9 "Maar Saulus - die ook Paulus heet - zeide...." (Leidse vertaling). De NBV heeft "Saulus (die ook bekendstond als Paulus)" De Heilige Geest noemt hem 'Saulus' ná zijn bekering en vóór zijn eerste zendingsreis. Handelingen 13:2 Paulus kreeg door en door Joods onderricht en wel aan de voeten van Gamaliël, een van Israëls meest gezaghebbende rabbijnen. (Hand. 22:3). Zijn Joodse naam was Saulus, wellicht naar de eerste koning van Israël: Saul, die evenals Saulus uit de stam Benjamin kwam. (Filippenzen 3:5) Volgens het boek Handelingen had hij het Romeinse burgerschap van zijn vader geërfd en droeg daardoor tevens de Latijnse naam Paulus, wat 'klein', of 'de kleine' betekent. Geboren te Tarsus in Cicilië (Hand. 22:3a). Tarsus was de hoofdstad van de Romeinse provincie Cicilia, een van de grootste handelscentra aan de kust van de Middellandse Zee. Maar op de reis naar de Syrische stad, met een volmacht van de overpriesters om de christenen op te pakken en geboeid naar Jeruzalem mee te voeren, verscheen de verheerlijkte Zaligmaker hem, sprak hem aan en greep hem in het hart (Hand. 9:3 v.; 22 :6 v.; 26 :9 v.). Hij werd verblind en naar Damascus gebracht. Daar werd hij na enkele dagen bezocht door Jezus' leerling Ananias, genezen van zijn blindheid en gedoopt. De Heer riep hem tot het apostelschap, waartoe hij verkoren was (Galaten 1:15, 16).

Augustinus.
Geboren 13 november 354 n.Chr., Thagaste en gestorven 28 augustus 430 n.Chr., Hippo Regius, Annaba, Algerije. Augustinus was bisschop van Hippo, theoloog, filosoof en kerkvader. Tot de bekendste van zijn werken behoren de Confessiones en De civitate Dei. (Over de stad van God) Hij beschrijft daarin de strijd tussen twee steden: de aardse stad, waar eigenliefde en macht centraal staan, en de stad van God, waar de spirituele macht heerst. Augustinus schreef het 22-delige handschrift tussen 413 en 426. Het was een reactie op de val van Rome in 410.
Franciscus van Assisi.
Geboren ca. 1182 te Assisi en gestorven 3 oktober 1226 te Assisi. Franciscus was een zoon van Petrus van Bernardone, een welgestelde lakenkoopman uit Assisi. Zijn vader was op het moment van zijn geboorte voor zaken in Frankrijk. Pica de Bourlemont (zijn moeder) gaf hem de naam Giovanni (Johannes). Zijn vader maakte daar bij thuiskomst Francesco, 'Fransman', van. In 1205 kreeg hij een visioen in het kerkje van San Damiano. Hij wist zich aangesproken door de daar afgebeelde Gekruisigde: 'Franciscus, ga en herstel mijn huis'. Hij trok zich als een kluizenaar terug in de eenzaamheid en wijdde zich aan de melaatsen, het herstellen van kerkjes en aan het gebed. Zelf wilde hij de allerarmste zijn. Hij bedelde zijn dagelijks voedsel bij elkaar, daarvan delend met anderen die nog minder hadden dan hij. Vanaf dat moment werd zijn enige geliefde 'Vrouwe Armoede'. Hij stierf op de avond van 3 oktober 1226. Hij stichtte de kloosterorde van de franciscanen of minderbroeders en werd op op 16 juli 1228 door paus Gregorius IX heilig verklaard.
Balthasar Hubmaier.
Balthasar Hubmaier geboren te Friedberg, 1485 - werd gevangengenomen in Wenen vond de dood op 10 maart 1528 op de brandstapel (op 43 jarige leeftijd) terwijl zijn vrouw moest toekijken. Een paar dagen later werd zij in de Donau verdronken. Hij was een rooms-katholiek priester die in Waldshut (voor-Oostenrijk) tot de reformatie overging. Hij koos hierbij ook voor de doop op geloof in plaats van de kinderdoop en werd daarmee een anabaptist. De baptisten in Oostenrijk zien in Hubmaier de eerste baptist in Oostenrijk. In de oudste Baptistenkerk van Oostenrijk (Mollardgasse in Wenen) hangt ter ere van hem een plaquette in het voorportaal. In 1928 heeft men daar samen met andere internationale baptistenbonden 400 jaar Hubmaier herdacht.
Martin Luther King.
Martin Luther King, oorspronkelijk Michael Luther King, Jr. (Atlanta (Georgia), 15 januari 1929. Op 4 april 1968 werd Martin Luther King op 39-jarige leeftijd doodgeschoten op het balkon van het Lorraine Motel in Memphis. Na de mars naar Washington - een betoging om op te komen voor de rechten van de Afro-Amerikaanse burgers die op 28 augustus 1963 werd gehouden - gaf Martin Luther King in de National Mall zijn beroemde toespraak "I Have a Dream". De mars werd georganiseerd door A. Philip Randolph en Bayard Rustin en wist tussen de 200.000 en 300.000 mensen op de been te brengen. In zijn toespraak refereert hij aan Jesaja 40:4-5.
I have a dream that one day every valley shall be exalted, and every hill and mountain shall be made low, the rough places will be made plain, and the crooked places will be made straight; "and the glory of the Lord shall be revealed and all flesh shall see it together."
This is our hope, and this is the faith that I go back to the South with.
Billy Graham.
William Franklin Graham Jr. (geboren 7 november 1918 - gestorven 21 februari 2018) was een Amerikaanse evangelist, behorend tot de Southern Baptist. Hij is op 99-jarige leeftijd overleden. Als evangelist sprak hij voor meer dan 210 miljoen mensen in ruim 185 landen live over het geloof. Daarnaast bereikte hij honderden miljoenen anderen via tv-toespraken, films, video's en podcasts.
Volgens zijn staf hebben meer dan 3,2 miljoen mensen gereageerd op de uitnodiging om "Jezus Christus als hun persoonlijke redder te accepteren". Hij nodigde o.a. Martin Luther King Jr. uit om samen te prediken tijdens een camgane in New York City in 1957.
"Voor wie lang genoeg leeft", is "ouderdom onvermijdelijk."
Zijn vrouw Ruth, die bijna 64 jaar lang zijn vrouw en beste vriendin was, overleed in 2007 op 87-jarige leeftijd, na een lang en geduldig gedragen ziekbed.
Billy Graham bezocht Nederland verschillende keren.
De eerste keer was in 1945. Een team van Youth for Christ reisde door verschillende landen van het van de oorlog herstellende Europa. In Nederland had Graham een ontmoeting met verschillende kerkelijke leiders. Op 22 juni 1954 vond in het Olympisch Stadion in Amsterdam een bijeenkomst met ruim veertigduizend mensen plaats. Deze bijeenkomst werd georganiseerd door een organisatiecomité met ds. Jan Buskes. Johannes Jacobus (Jan) Buskes jr. (Utrecht, 16 september 1899 - Amsterdam, 9 maart 1980) was een Nederlands predikant en theoloog.
Op de afbeelding Billy Graham in Nederland, in 1954. Aan weerszijden van hem ds. J. J. Buskes en majoor L. Nijman van het Leger des Heils. Buskes was een bekende socialistische dominee die geregeld op televisie verscheen en op de radio te horen was. (IKON) In 1955 hield Graham een meerdaagse campagne in De Kuip in Rotterdam. Later in zijn leven bezocht Graham nog verschillende malen Nederland tijdens de verschillende zendingscongressen die op zijn initiatief georganiseerd werden. De laatste keer dat hij Nederland aandeed was in 2000.
Hebreeën 11:32
"En wat moet ik nog verder aanvoeren? Immers, de tijd zou mij ontbreken, als ik ging verhalen van........."
William Carey. (de schoenmaker)
William Carey werd geboren te Paulersbury - Northampton op 17 augustus 1761 en is gestorven te Serampore bij Calcutta, 9 juni 1834. Hij was een Engelse baptistische zendeling en wordt gezien als de 'vader van de moderne zending'.
Hij was de zoon van Edmund en Elizabeth Carey. Het gezin behoorde tot de Church of England. Op zijn zesde werd zijn vader aangesteld tot klerk en schoolmeester van de stad waar Carey woonde. Als kind had hij een natuurlijke interesse in natuurwetenschappen, met name in botanica. Hij bezat ook een talenknobbel en leerde zichzelf Latijn.
Op zijn 14e ging Carey in de leer bij een schoenmaker. Zijn baas, Clarke Nichols, was ook aangesloten bij de Church of England, maar John Warr, een andere werknemer van Nichols, was aangesloten bij de onafhankelijke groep die zich had afgescheiden van de Church of England.
Door zijn invloed verliet Carey ook de Church of England en begon bijeenkomsten van de afgescheidenen in Hackleton bij te wonen. In die tijd leerde Carey zichzelf ook het Grieks aan.
Carey ging op zoek naar een nieuwe werkgever, toen Nichols in 1779 overleed. Dit werd Thomas Old. In 1781 trouwde hij met de schoonzus van Old, Dorothy Placket, die, anders dan Carey, niet naar school was geweest: zij was analfabeet. Zij schonk Carey zes kinderen, vier zonen en twee dochters. Beide dochters overleden kort na de geboorte. Thomas Old overleed ook niet lang na het huwelijk en Carey nam van hem de zaak over, terwijl hij in zijn vrije uren zichzelf bekwaamde in het Hebreeuws, Italiaans, Nederlands en Frans.
Carey raakte betrokken bij de plaatselijke baptistenkerk en kwam in contact met in die tijd bekende sprekers als John Ryland en Andrew Fuller. Zij nodigden hem uit om elke zondag te komen preken in een kerk in Barton, een stadje vlakbij. Op 5 oktober 1783 liet Carey zich dopen en sloot zich aan bij de baptisten. In 1785 werd Carey aangesteld als schoolmeester in Moulton. Hij werd ook voorganger in de lokale baptistenkerk. In 1789 werd Carey fulltimevoorganger in de kleine baptistenkerk van Leicester.
Drie jaar later publiceerde hij het boek An Enquiry into the Obligations of Christians to use Means for the Conversion of the Heathens. Dit boek bestond uit vijf hoofdstukken. In het eerste gedeelte gaf hij een theologische onderbouwing waarom het zendingsbevel Matteüs 28:18-20 van Jezus nog steeds voor alle christenen bindend zou zijn. In het tweede hoofdstuk gaf hij een overzicht van de geschiedenis van de christelijke zending vanaf de eerste kerk tot David Brainerd en John Wesley. In hoofdstuk 3 gaf hij een overzicht van elk land, met informatie over de bevolking en heersende religie. In het vierde deel gaf hij een overzicht met aandachtspunten voor zendelingen, en in deel vijf riep hij de verschillende baptistenkerken op om een zendingsgenootschap te vormen.
Carey zou later tijdens een zendingspreek de uitspraak doen die het meest bekend is gebleven: "Verwacht grote dingen van God. Onderneem grote dingen voor God." Samen met zijn oudste zoon Felix, zijn zwangere vrouw Dorothy en haar zus, vertrok Carey in april 1793 met een Engels schip naar India. In november zetten de zendelingen voet aan wal in Calcutta. De zendelingen konden zich vestigen in de Deense kolonie in Serampore, omdat de Britse Oost Indische Companie bekeringswerk verbood en de zendelingen dus niet goed gezind was. Dorothy Carey overleed in 1807. Zij was na het overlijden van haar zoon, nooit meer de oude geworden. Carey hertrouwde een jaar later met de Deense Charlotte Rhumohr. In 1818 stichtte het zendingsgenootschap Serampore College met het oog op de training van lokale werkers.
Carey's tweede vrouw overleed in 1821, gevolgd door zijn oudste zoon Felix. In 1823 hertrouwde Carey voor een derde maal met de weduwe Grace Hughes. Vanwege onrust (conflicten) binnen de Missionairy Society verbrak Carey de banden met het zendingsgenootschap en op het terrein van Serampore College ging wonen. Daar bleef hij preken en lesgeven tot hij op 9 juni 1834 overleed.
Nog altijd bestaan de universiteit, die door hem werd gesticht, en de Carey Bibliotheek in Serampore. In 1961 werd daaraan nog het Carey Museum toegevoegd.
John Bunyan (de ketellapper)
John Bunyan (Elstow, 30 november 1628 - gestorven te Londen, 31 augustus 1688). John Bunyan groeit op als een ondeugende jongen in Elstow, niet ver van Bedford in Engeland. Al gauw neemt hij het werk van zijn vader over en wordt ketellapper. (Het handwerk van de ketellapper bestond uit het repareren van keukengerei waaronder ketels)
Wanneer zijn moeder overleden is, hertrouwt zijn vader en besluit John om soldaat te worden in het leger van de koning. Wonderlijk genoeg blijft hij gespaard. Een vriend die voor hem de wacht waarneemt bij de belegering van een vesting, wordt dodelijk getroffen door musketvuur.
De herinneringen aan deze hevige strijd verwerkt Bunyan later in zijn boek 'De Heilige Oorlog'. Hij verlaat zijn goddeloze weg en wordt predikant van de baptistengemeente van dominee Gifford. Als het preken hem verboden wordt, weigert hij daaraan gehoor te geven. Daarom wordt hij twaalf jaar opgesloten in de gevangenis van Bedford.
Daar schrijft hij het beroemde boek 'Christenreis' waardoor hij vooral zijn bekendheid kreeg (1678). Dit boek is in vele talen vertaald, ook in het Nederlands, onder de titel De christenreis naar de eeuwigheid. Het boek behandelt in de vorm van een allegorie het leven van een christen op aarde. Naast de 'Christenreis' heeft Bunyan een vervolg geschreven onder de titel 'Christinnereis'.
Hij was een Engelse puriteinse prediker, ook wel een calvinistische baptist genoemd. Zijn prediking was eenvoudig, direct, Bijbels en werd gekenmerkt door een vers-voor-vers verklaring. Hij heeft verschillende boeken geschreven.
Charles Haddon Spurgeon. (De prins der predikers)
Spurgeon is geboren in 1834, in Kelvedon, Essex en overleden in Menton, Frankrijk, 31 januari 1892.
Zijn vader, John, en zijn grootvader, James, waren onafhankelijke predikanten.
In zijn vroege kindertijd luisterde hij naar preken, leerde hymns en keek hij naar de prenten uit het boek "Een Christenreis naar de Eeuwigheid" van John Bunyan, en "Het Boek der Martelaren" van John Foxe.
Spurgeon woonde de meeste tijd van zijn jeugd met zijn grootouders en tante Anne in het kleine landbouwdorpje Stambourne. Er woonde ongeveer vijfhonderd mensen in Stambourne. Op 16-jarige leeftijd liet Spurgeon zich door onderdompeling in een rivier dopen en verkondigde reeds op zestienjarige leeftijd het Evangelie, in later tijd soms tien of twaalf keer per week.
Op 18 maart 1861 wordt de Metropolitan Tabernacle geopend. Het gebouw telde 4.600 zitplaatsen, in die dagen de grootste kerk ter wereld naar het aantal zitplaatsen. In 1891, een jaar voor het overlijden van Spurgeon telde de gemeente 5.311 leden. In 1898 brand het gebouw volledig af. De voorgevel blijft als enige van het gebouw staan. De kerk wordt herbouwd, maar het aantal zitplaatsen wordt terug gebracht naar 2.703. De herbouwde Tabernacle wordt in 1941 verwoest tijdens Duitse bombardementen in de Tweede Wereldoorlog. Na de oorlog wordt de Tabernacle opnieuw herbouwd in 1957, maar dan kleiner, 1500 zitplaatsen.
Wanneer hij op zondag een van zijn preken gehouden had, werd deze - vanaf 1855 - op donderdag gedrukt. En op den duur werden deze preken wel in 23 talen vertaald. Ook Nederland kende vele bewonderaars van Spurgeon. De predikant bezocht Nederland in 1863, van woensdag 22 april tot en met woensdag 29 april op uitnodiging van enkele predikanten. Spurgeon preekte donderdag in de Willemskerk in Den Haag, die afgeladen vol zat. Vrijdag bezocht hij Leiden, waar hij preekte in de Pieterskerk. Verder preekte hij te Amsterdam en Utrecht. Spurgeon stichtte diverse weeshuizen en nog steeds bestaat er maatschappelijk werk voor kinderen dat zijn naam draagt. Ook richtte hij een predikantenopleiding op die na zijn dood zijn naam kreeg: Spurgeon's College. In oktober 1887 kwam het tot een definitive breuk tussen Spurgeon en The Baptist Union vanwege de ontkenning van sommige predikanten van de Godheid van de Zoon van God waarmee ze het geloof in Zijn verzoenende dood verloochenden.
Jan de Liefde.
Jan de Liefde werd geboren te Amsterdam op 25 december 1814 en sterft aldaar op 6 december 1869. Geraakt door de diepe armoede, startte dominee Jan de Liefde in 1855 het werk van de Vereeniging Tot Heil des Volks door brood en Bijbel uit te delen. In 1837 trouwde Jan de Liefde met Berendina Albertha Dijk, voltooide zijn studie en werd doopsgezind predikant te Woudsend in Friesland. In 1838 stierf zijn vrouw. In Woudsend begon een verandering van zijn innerlijke geloofsbeleving en de prediking. Daardoor trok zijn prediking steeds meer rechtzinnige hervormden aan.
In 1839 werd De Liefde doopsgezind predikant te Zutphen. Het jaar daarna trouwde hij met Esther Sophie Molenaar. Kort daarna komt De Liefde onder invloed van een piëtistische bestseller radicaal tot bekering. In 1845 volgt een definitieve ontslagregeling.
Samen met Benjamin de Pinto (1809-1886), een Jood die zich tot het christendom bekeerd heeft en bij De Liefde in huis is komen wonen, bestuderen zij de brochure uit 1843, waarin Johannes Elias Feisser (1805-1865) de kinderdoop verwerpt. Feisser wordt in 1844 afgezet als hervormd predikant en een jaar later is hij de eerste Nederlandse baptistenvoorganger.
In februari 1849 verhuist De Liefde naar Amsterdam, waar hij, getroffen door zowel de geestelijke als de materiüle nood van de Jordaners, zijn evangelisatiewerk begon met een turf onder zijn ene arm en een bijbel onder de andere. De Bijbellezingen in een huis aan de Goudsbloemgracht trokken al snel honderden luisteraars. In 1853 startte De Liefde een evangelistenschool, waarvan de cursisten 's avonds in de arme buurten van Amsterdam evangeliseerden. Er werden scholen voor haveloze kinderen gestart, waar kinderen niet alleen onderwijs, maar ook kleding, voedsel en een bad kregen. Naai- en breischolen voor vrouwen, zondagscholen, avondscholen voor volwassenen, volksvoorlezingen, armenzorg, zusterkringen, kinderkerken en scholen voor bejaarden volgden. Hij was predikant, evangelist en schrijver van christelijke boeken en liederen, o.a. In Bethlehems stal, O hoe heerlijk, hoe begeerlijk, Van U zijn alle dingen, Van boven moet het alles komen, Wie, wie zal mij roven 't zalige lot, Zij zullen het niet hebben, ons oude Nederland en Weet gij hoeveel sterren kleven, Klokje Klinkt.
Het bekende gebedslied "Ik ga slapen, ik ben moe" is een bewerking door De Liefde van een gedicht van de Duitse schrijfster Luise Hensel. Hensel schreef het gedicht van vier strofen toen ze 18 jaar oud was in Berlijn in de herfst van 1816.
1.Müde bin ich, geh zur Ruh,
schließe meine Augen zu.
Vater, lass die Augen dein
über meinem Bette sein.
2.Hab ich Unrecht heut getan,
sieh es, lieber Gott, nicht an.
Deine Gnad und Jesu Blut
machen allen Schaden gut.
3.Alle, die mir sind verwandt,
Gott, lass ruhn in deiner Hand;
alle Menschen, groß und klein,
sollen dir befohlen sein.
4.Müden Herzen sende Ruh,
nasse Augen schließe zu.
Lass den Mond am Himmel stehn
und die stille Welt besehn.